Het is een merkwaardige baan, vierde official. Je takenpakket is beperkt tot het omhooghouden van bordjes en het waarborgen dat de twee trainers niet buiten die kinderachtige vakjes voor de dug-out komen. Eén ding mag je zelf bepalen: de hoeveelheid blessuretijd. Dit is meestal een weinig controversiële bezigheid: twee minuutjes voor de wissels plus nog één of twee als het spel veel stil heeft gelegen. Alleen bij ontzettend spannende wedstrijden zal het publiek zijn mening geven over een onrechtvaardig lange of korte blessuretijd. Niet echt van toepassing dus, op het uiterst saaie Ajax – De Graafschap van deze zondag. Toch werd vierde official en scheidsrechterstalent Serdar Gözübüyük behoorlijk uitgefloten toen hij aangaf dat het duel zich nog twee minuten zou moeten voortslepen.
En terecht, die twee minuten van mijn leven krijg ik nooit meer terug.
maandag 16 maart 2009
zondag 15 maart 2009
Lente
Voor Klaas
Als in jeugdherinneringen
Volendam, Hollands gehucht
zie de bleke knapen springen
vuisten in de voorjaarslucht
jongens met de appelwangen
trotse ouders langs de lijn
in hun ogen één verlangen
laat het altijd zondag zijn
Door Jochem
Als in jeugdherinneringen
Volendam, Hollands gehucht
zie de bleke knapen springen
vuisten in de voorjaarslucht
jongens met de appelwangen
trotse ouders langs de lijn
in hun ogen één verlangen
laat het altijd zondag zijn
Door Jochem
woensdag 11 maart 2009
Winst en verlies
Buiten is het dinsdag, het regent de hele ochtend al. Binnen is het lekker warm. Wanneer we al geruime tijd bezig zijn met een saaie klus waar maar geen eind aan lijkt te komen, zoekt mijn collega afleiding, en iets van hoop. Die vindt hij.
Champions League vanavond!
Hij leest het affiche voor. Ik laat het over me heen komen: ik zal niets zien, want ik moet trainen. Tussen het werk door zie ik op voetbalsites dat Sneijder ‘een intens en meeslepend voetbalgevecht verwacht op Anfield Road’.
Maar nee, ik moet trainen.
Op de mail is het stil. Niemand durft zijn naam bij het rijtje enthousiastelingen te schrijven. Zij die zondag al zeiden bij de training te zullen zijn. Ik gooi heel voorzichtig een balletje op: Liverpool - Real Madrid vanavond, het schijnt intens en meeslepend te worden. Langzaam druppelen mails binnen die allen de kern van de zaak niet durven te benoemen:
‘Prachtige wedstrijd natuurlijk, Liverpool - Real Madrid.’
‘Verstand: trainen! Hart: Champions League kijken!’
Maar niemand durft het, niemand durft zich af te melden, niemand durft de training af te gelasten om lekker op de bank voetbal te kunnen kijken, want op dinsdag mag je trainen, dus op dinsdag ga je trainen.
Één durft heel ver te gaan: ‘Dus, waar zien we elkaar voor de wedstrijd?’
Gelukkig neemt een ander de rol van Het Verstand op zich. Hij speelt de rol van mijn vader en mijn moeder die mij vroeger met zeer pedagogisch verantwoorde woorden als ‘de trainer rekent op je en hij geeft ook zijn vrije avond op’ zelf lieten beslissen wat te doen. Uiteraard ging ik, want je ouders teleurstellen is tot daar aan toe, maar de trainer...
Het Verstand: ‘We zien elkaar voor de wedstrijd op dinsdagavond om kwart voor negen bij de club, om te trainen.’
Zijn e-mail voelt als winst en verlies.
Champions League vanavond!
Hij leest het affiche voor. Ik laat het over me heen komen: ik zal niets zien, want ik moet trainen. Tussen het werk door zie ik op voetbalsites dat Sneijder ‘een intens en meeslepend voetbalgevecht verwacht op Anfield Road’.
Maar nee, ik moet trainen.
Op de mail is het stil. Niemand durft zijn naam bij het rijtje enthousiastelingen te schrijven. Zij die zondag al zeiden bij de training te zullen zijn. Ik gooi heel voorzichtig een balletje op: Liverpool - Real Madrid vanavond, het schijnt intens en meeslepend te worden. Langzaam druppelen mails binnen die allen de kern van de zaak niet durven te benoemen:
‘Prachtige wedstrijd natuurlijk, Liverpool - Real Madrid.’
‘Verstand: trainen! Hart: Champions League kijken!’
Maar niemand durft het, niemand durft zich af te melden, niemand durft de training af te gelasten om lekker op de bank voetbal te kunnen kijken, want op dinsdag mag je trainen, dus op dinsdag ga je trainen.
Één durft heel ver te gaan: ‘Dus, waar zien we elkaar voor de wedstrijd?’
Gelukkig neemt een ander de rol van Het Verstand op zich. Hij speelt de rol van mijn vader en mijn moeder die mij vroeger met zeer pedagogisch verantwoorde woorden als ‘de trainer rekent op je en hij geeft ook zijn vrije avond op’ zelf lieten beslissen wat te doen. Uiteraard ging ik, want je ouders teleurstellen is tot daar aan toe, maar de trainer...
Het Verstand: ‘We zien elkaar voor de wedstrijd op dinsdagavond om kwart voor negen bij de club, om te trainen.’
Zijn e-mail voelt als winst en verlies.
maandag 9 maart 2009
Graaien
Een partijdige scheidsrechter hebben we al vaker gehad, maar dit slaat alles. Het wordt bijna komisch: een doelpunt wordt op onduidelijke gronden afgekeurd, grensrechters worden compleet genegeerd en van 50 meter afstand constateert hij hands: penalty. Hij meet de strafschop uit met elf wel erg kleine stapjes vanaf de doellijn. Als wij hem daarop wijzen meet hij de afstand opnieuw, maar nu met vijf grote stappen van de rand van de zestien. Tja.
Als de wedstrijd is afgelopen en onze frustratie enigszins gezakt vragen wij ons af hoe deze man over zichzelf denkt. Zou hij tevreden zijn? Blij met het resultaat dat hij voor zijn team heeft binnengehaald? We kunnen het ons niet voorstellen.
Die avond zie ik op televisie een aantal Amerikaanse bankiers op een rijtje zitten. Ze worden door de Senaat verhoord over de ondergang danwel deplorabele staat van hun banken en de miljarden aan overheidssteun die ze hebben ontvangen. Dan blijkt dat de bestuurders zichzelf tijdens de crisis al honderduizenden dollars aan beloningen hebben toebedeeld.
De senator die de mannen ondervraagt kijkt hen verbijsterd aan. De bankiers kijken niet-begrijpend terug. Ze lijken zich niet bepaald schuldig te voelen. Het is toch hun goed recht om zichzelf te belonen? Er is geen wet overtreden, en daarnaast, iedereen doet het. Ik bekijk de bankiers eens goed. Hij zou er zo tussen kunnen zitten, de scheidsrechter.
Als de wedstrijd is afgelopen en onze frustratie enigszins gezakt vragen wij ons af hoe deze man over zichzelf denkt. Zou hij tevreden zijn? Blij met het resultaat dat hij voor zijn team heeft binnengehaald? We kunnen het ons niet voorstellen.
Die avond zie ik op televisie een aantal Amerikaanse bankiers op een rijtje zitten. Ze worden door de Senaat verhoord over de ondergang danwel deplorabele staat van hun banken en de miljarden aan overheidssteun die ze hebben ontvangen. Dan blijkt dat de bestuurders zichzelf tijdens de crisis al honderduizenden dollars aan beloningen hebben toebedeeld.
De senator die de mannen ondervraagt kijkt hen verbijsterd aan. De bankiers kijken niet-begrijpend terug. Ze lijken zich niet bepaald schuldig te voelen. Het is toch hun goed recht om zichzelf te belonen? Er is geen wet overtreden, en daarnaast, iedereen doet het. Ik bekijk de bankiers eens goed. Hij zou er zo tussen kunnen zitten, de scheidsrechter.
zondag 8 maart 2009
Quote van de week
“Dit is je reinste competitievervalsing.”
Algemeen directeur van PSV Jan Reker naar aanleiding van het verplaatste duel met FC Twente.
Algemeen directeur van PSV Jan Reker naar aanleiding van het verplaatste duel met FC Twente.
woensdag 4 maart 2009
Stukjes
Tijdens een werkbijeenkomst, waar het hoger management vertelt over de aanstaande reorganisatie van het bedrijf, wijdt het hoofd van de Business Unit uit in onvervalste managementtaal: het nieuwe afdelingshoofd zal 'een stukje visie meebrengen' en 'zorg dragen voor een stukje coaching'. Ik zoek oogcontact met andere medewerkers voor een blik van verstandhouding over dit - in mijn ogen - hilarisch wollige taalgebruik. Niemand kijkt terug, blijkbaar is iedereen er al aan gewend.
Vanochtend lees ik in De Pers een interview met de 18-jarige Feyenoorder Giorginio Wijnaldum. Hij zegt dat hij het wel leuk vindt om op straat herkend te worden, maar hij mist wel 'een stukje rust'.
Het einde der tijden is nabij.
Morgen
Ik sta te wachten tot ik kan oversteken. Het is druk op de kruising. De zaterdagdrukte. Vlak voor mij verschijnt een snelle auto, een Jaguar. Het raampje staat open en uit de auto klinkt Hazes.
“Als ik jou vergeef, kom je dan bij me terug.”
Het dashboard glimt, stoelen zijn bekleed met leer. Ik kruis de blik van de bestuurder. Het is de gevreesde verdediger, de slager die schopt en niets of niemand schuwt. De man die ik morgen weer tegenkom op het veld. Hij herkent me van de vorige wedstrijden en ik knik hem toe:
“Mogguh”, zegt hij.
Inderdaad, morgen, denk ik. Dan kom ik je tegen. Morgen.
NB: Morgen was dus zondag jl. De slager was op dreef: schelden, natrappen en toen ik in zijn ogen iets verkeerd deed kreeg ik een Völlertje te verduren (http://www.youtube.com/watch?v=U963U_Ik4s4)
“Als ik jou vergeef, kom je dan bij me terug.”
Het dashboard glimt, stoelen zijn bekleed met leer. Ik kruis de blik van de bestuurder. Het is de gevreesde verdediger, de slager die schopt en niets of niemand schuwt. De man die ik morgen weer tegenkom op het veld. Hij herkent me van de vorige wedstrijden en ik knik hem toe:
“Mogguh”, zegt hij.
Inderdaad, morgen, denk ik. Dan kom ik je tegen. Morgen.
NB: Morgen was dus zondag jl. De slager was op dreef: schelden, natrappen en toen ik in zijn ogen iets verkeerd deed kreeg ik een Völlertje te verduren (http://www.youtube.com/watch?v=U963U_Ik4s4)
Abonneren op:
Posts (Atom)